Het gezin Muskhadzhiyeva

Mama met 4 kinderen opgesloten in België in december 2006

We gaan even terug in de tijd. Vòòr 2009 werden er in België kinderen opgesloten, samen met hun ouders, in een gesloten centrum. Hieronder vindt u het verhaal van het gezin Muskhadzhiyeva, gebaseerd op het arrest van het Europees Hof voor de Rechten van de Mens betreffende de detentie van het gezin.

Hun verhaal

Mama Aina Muskhadzhiyeva (geboren in 1966) en haar 4 kinderen (7 maanden, 3,5 jaar, 5 en 7 jaar oud ten tijde van de detentie) woonden in een vluchtelingenkamp in Debak-Podkowa Lesna (Polen) nadat ze gevlucht waren uit Tsjetsjenië. Ze arriveren op 11 oktober 2006 in België en vragen hier asiel aan.

Aangezien het gezin van Polen komt, contacteert de Belgische overheid de Poolse overheid, die er vervolgens mee akkoord gaat het gezin over te nemen, volgens de Dublinverordering. De Belgische overheid vaardigt hierop, op 21 december 2006, een beslissing uit om het gezin te weigeren op het grondgebied te blijven en om hen te bevelen het grondgebied te verlaten.

Op 22 december wordt het gezin opgesloten in het gesloten centrum naast Brussels Airport, het zogenaamde “Transitcentrum 127bis”. De Brusselse raadkamer verwerpt op 5 januari 2007 een verzoek tot invrijheidstelling; het hof van beroep doet hetzelfde op 23 januari.

Tussen deze twee beslissingen in doet “Artsen zonder Grenzen” een psychologisch onderzoek van het gezin. Zij stellen vast dat het gezin, vooral de kinderen, en in bijzonder het 5-jarig meisje, ernstige psychologische en psychotraumatische symptomen vertonen. Ze oordelen dat het gezin vrijgelaten moet worden om de schade te beperken.

Na 34 dagen detentie, wordt het gezin op 24 januari teruggestuurd naar Polen. Op dezelfde dag wordt nog een beroep aangetekend bij het Hof van Cassatie, maar die oordeelt op 21 maart 2007 de zaak nietig aangezien het gezin niet meer aanwezig is in het land.

Een onderzoek door een psycholoog in Polen op 27 maart 2007 bevestigt de zeer kritische psychologische staat van het 5-jarig meisje en bevestigt eveneens dat de schade veroorzaakt kan zijn door de detentie in België.

Het Europees Hof voor de Rechten van de Mens veroordeelde België voor onmenselijke en vernederende behandeling van de 4 kinderen (artikel 3 EVRM) en voor de schending van hun recht op vrijheid en veiligheid (artikel 5 § 1 EVRM).

Zie hier voor meer informatie over het arrest van het Europees Hof voor de Rechten van de Mens (in het Engels).

Een campagne van

Unicef
Mineurs en exil

In samenwerking met

Caritas
Ciré
Vluchtelingenwerk Vlaanderen
JRS