Wat zegt het Europees Hof van de Rechten van de Mens?

Het Europees Hof van de Rechten van de Mens heeft al meerdere keren geoordeeld dat het plaatsen van kinderen in gesloten centra een onmenselijke en vernederende behandeling is, rekening houdend met de bijzondere kwetsbaarheid van kinderen.[1] Er werd een schending van artikel 3 van het Mensenrechtenverdrag[2] vastgesteld op basis van drie factoren: de lage leeftijd van de kinderen, de duur van de vasthouding en de onaangepaste aard van het detentiecentrum.

Zo heeft het Hof bijvoorbeeld Frankrijk al veroordeeld voor de detentie van kinderen in een centrum, waar de materiële omstandigheden van het centrum op zich geen probleem vormden. In één zaak ging het over een gesloten centrum in de directe nabijheid van de landingsbanen van een luchthaven. Het Hof oordeelde dat de detentie van een jong kind gedurende 7 dagen, met blootstelling aan hevige geluidsoverlast, een opeenstapeling van mentale en emotionele agressies veroorzaakte, met zeer negatieve gevolgen voor een klein kind.[3]

Dezelfde redenering zou kunnen worden gevolgd voor de detentie van kinderen in het nieuwe gesloten centrum voor gezinnen (de zogenaamde “gesloten gezinsunits”), die net naast de landingsbaan van Brussels airport gepland zijn.

 

[1] EHRM, Mubilanzila Mayeka en Kaniki Mitunga vs. België, 12 oktober 2006, 13178/03 ; Muskhadzhiyeva e.a. vs. België, 19 januari 2010, 41442/07 ; Kanagaratnam e.a. vs. België, 13 december 2011, 15297/09; Popov vs. Frankrijk, 19 januari 2012, 39472/07 en 39474/07 ; Rahimi vs. Griekenland, 5 april 2011, 30696/06 ; R.M. e.a. vs. Frankrijk, 12 juli 2016, 33201/11; A.B. e.a. vs. Frankrijk, 12 juli 2016, 11593/12; A.M. e.a. vs. Frankrijk, 12 juli 2016, 24587/12; R.C. e.a. vs. Frankrijk, 12 juli 2016, 76491/14; R.K. e.a. vs. Frankrijk, 12 juli 2016, 68264/14.
[2] Artikel 3 van de het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens betreffende het verbod op foltering en onmenselijke en vernederende behandeling
[3] R.M. e.a. vs. Frankrijk, 12 juli 2016, 33201/11, §§ 73-76.

Een campagne van

Unicef
Mineurs en exil

In samenwerking met

Caritas
Ciré
Vluchtelingenwerk Vlaanderen
JRS